Ubuntu? Wat is dat?
Waar ik ook kom en wie ik ook spreek, uiteindelijk draait het er altijd uit op dat ik het woord “Ubuntu” laat vallen. Het spreekwoord “waar het hart van vol is loopt de mond van over” is op mij zeker van toepassing met als gevolg dat ik dan ook heel vaak een vragende blik voor me heb. Logischerwijs gevolgd met de vraag “Ubuntu? Wat is dat?” Hoe vaker ik die vraag krijg des te meer ik erover nadenk en er woorden aan geef. Maar het uitleggen is iedere keer weer moeilijk en makkelijk tegenlijk. Omdat Ubuntu een voor veel mensen onbekende term is maar ook zo vreselijk vanzelfsprekend. Het is alsof je aan een medemens probeert uit te leggen wat “menselijkheid” is. Het is een vanzelfsprekendheid die zo logisch lijkt dat het uitleggen even overbodig als gecompliceerd is.

 

“Alle menselijkheid die we kunnen vinden, bij elkaar kunnen schrapen, in een pot kunnen doen, kunnen mixen en die we vervolgens over iedereen uitstorten. Dat is Ubuntu.”

 

Menselijkheid
Tijdens de naklank van het woord “Ubuntu” kijk ik dan dus ook in die vragende ogen en zoek naar woorden. Vaak begin ik met de bekende uitspraak “Als het niet goed is voor iedereen, dan is het goed voor niemand”. Wat in veel gevallen een gevoel van communisme oproept in de toehoorder. Waarna ik uitleg dat er, net als in alle maatschappelijke vormen, wel een deel Ubuntu in het communisme te vinden is maar dat het daar stopt. Het is erg belangrijk om te zien en voelen dat Ubuntu geen structuur, religie, politieke of welke afgebakende maatschappelijke vorm dan ook is. Het is, zoals Michael Tellinger in de video over de Ubuntu Philosophy dat ook zegt, alle menselijkheid die we kunnen vinden, bij elkaar kunnen schrapen, in een pot kunnen doen, kunnen mixen en die we vervolgens over iedereen uitstorten. Dat is Ubuntu.

Gedeeld fruit
Om dit idee kracht bij te zetten geef ik daarna vaak het voorbeeld van de Afrikaanse kinderen die een mand met fruit wordt voorgehouden. De kinderen moeten samen een race houden en het eerste kind wat de finish-boom aanraakt mag al het fruit hebben. Veel mensen verwachten dan dat de kinderen gaan rennen en wellicht alles over hebben voor het winnen van het fruit. Maar wat er dan gebeurd is dat alle kinderen elkaar een hand geven en samen de boom tegelijk aanraken waarna het fruit gedeeld wordt. Dit maakt veel duidelijk maar wat erg belangrijk is in dit verhaal is de actie van elkaar de hand geven en samen, als één, naar de boom lopen. Er is geen leider die het fruit bemachtigd en daarna barmhartig uitdeelt. Het concept concurrentie en strijd valt als de schaduw van het experiment weg in het licht van het eenheidsgevoel en de wederkerige afhankelijkheid van de kinderen. Ze zijn samen, lopen samen, bereiken samen en delen samen. Zonder haast en vol vertrouwen in elkaar.

Ok, Ubuntu, en dan?
De vragende blik heeft nu plaats gemaakt voor een verwonderde starende blik over mijn schouder heen de diepte in. De persoon voor mij ziet de Afrikaanse kinderen voor zich en is geraakt. Maar vrij snel komt de “realiteitszin” terug, de gezichtsuitdrukking verstrakt weer en het lineair causale denken neemt weer de leiding. “Ok, Ubuntu, en dan? Wat kunnen wij daarmee hier in het westen?” Het lijkt haast alsof de nieuwe hoopvolle verwondering in de persoon voor mij direct en met redelijk wat geweld wordt geflankeerd door de rationale en door jaren van ervaring geconditioneerde geest. “Wij mensen zijn niet in staat zo te leven. Iedereen gaat voor zijn/haar eigen gewin en er moet toch echt bij iedereen brood op de plank komen. Een mandje fruit is niet genoeg om op te leven.”

Het kan ook anders
Is dat zo?” is dan vaak mijn reactie. “Is het zo dat wij niet zo kunnen leven en dat iedereen per se voor zijn/haar eigen gewin gaat?” In de monoloog die dan volgt leg ik uit waarom ik hier anders over denk. Zoals ik het zie is de mens een sociaal wezen, begiftigd met eindeloze creativiteit, empathie en in staat om door samenwerking tot onvoorstelbare daden te komen. In momenten van nood en/of inspiratie kunnen en doen wij het onmogelijke, het bovennatuurlijke zelfs, en groeien boven onszelf uit. Dit zie je overal om je heen gebeuren waar mensen hier de noodzaak toe voelen en genoeg vertrouwen in zichzelf en elkaar hebben. Nee, de menselijke natuur is zoals de natuur: oneindig creatief, onvoorwaardelijk liefdevol en uitgerust met een immense diversiteit tussen gigantisch uiteenlopende extremen die perfect in staat is om uit synergie een balans te vinden tussen mensen en de natuur.

 

“In momenten van nood en/of inspiratie kunnen en doen wij het onmogelijke, het bovennatuurlijke zelfs, en groeien boven onszelf uit.”

 

De geld-gekte
Maar kijk nou naar wat we met elkaar en de natuur doen?! Hoe kun je daar nou uit opmaken dat ieder mens liefdevol is?” Nu is de persoon voor mij gefrustreerd of zelfs boos over mijn onrealistische en wellicht dwaze hoop en vertrouwen in de mensheid en bijna in staat om sociaal correct het gesprek te beëindigen. Maar toch is er wel nog nieuwsgierigheid naar mijn antwoord op de gestelde vragen. Dus stel ik vriendelijk de vragen “Ken jij iemand in jouw omgeving die jou moedwillig fysiek pijn zou doen om te bereiken wat hij of zo wil?” en “Hoeveel gevallen van moord, doodslag, roof en verminking heb jij in jouw directe omgeving meegemaakt?” Gelukkig antwoorden de meeste mensen hierop “nee niemand” en “nooit”. Uiteraard gebeurt het wel in sommige levens, overal ter wereld, maar feitelijk gezien zijn het incidenten. Het zijn de tekenen aan de wand van ongelijkheid, onmacht en wanhoop. In een wereld waar de mogelijkheid mens te zijn, te eten, te drinken, voor je kinderen te zorgen en om als mens te groeien vergrendeld zit achter een financieel slot. Een barrière die is opgeworpen door machthebbers en die samen een monopoliespel spelen alsof hun leven ervan af hangt. Nagenoeg de hele wereld ervaart nu een leven waarbij het geld net zo belangrijk is geworden als zuurstof omdat zonder dit verzonnen element er geen toegang is tot dat wat we nodig hebben om te leven. Het geld is een alom bepalende en sturende vanzelfsprekendheid geworden zonder dat het werkelijk enige intrinsieke waarde heeft. Je kunt geld niet eten, niet drinken, je kunt er niks van bouwen, geen kleding van maken, enz. enz. Het is enkel een ruilmiddel wat op zichzelf niets waard is. Maar nagenoeg van iedere moord, iedere wanhoopsdaad, iedere tegenwoordige en ooit gevoerde oorlog en nagenoeg al het door mensen aangerichte leed op deze aardbol is de oorzaak te herleiden tot geld en de ongelijkheid die het creëert. En we zijn er blind voor geworden. We vinden het normaal dat we de buurman of buurvrouw laten creperen en alleen ons eigen stoepje vegen omdat we het al moeilijk genoeg hebben met voor ons zelf zorgen. Veel mensen kennen hun eigen buren niet eens meer en willen die ook niet kennen omdat het alleen of met je eigen gezin al moeilijk genoeg is om tussen het werken door samen tijd door te brengen en iedereen gezond te houden. Dit laatste is op veel plaatsen in de wereld door gebrek aan geld niet eens een optie. Nagenoeg alles ter wereld moet met geld voor worden betaald terwijl de financiële verdeling zo is dat maar heel weinig mensen wat ze nodig hebben kunnen bemachtigen. Kinderen sterven in de wereld van de dorst omdat het drinkwater door bedrijven wordt beheert. De natuur geeft ons alles wat we nodig hebben maar we zijn het normaal gaan vinden dat we hier ook voor moeten betalen. Want ja “de bakker moet toch ook brood op de plank hebben?”.

 

“Het enige wat we daarvoor hoeven te doen is onszelf te bevrijden van de beperkingen die we onszelf opleggen.”

 

Een natuurlijke maatschappij
In de absurditeit van die laatste vraag ligt ook direct de kern. De bakker heeft natuurlijk zelf brood omdat hij dit zelf maakt. De boer heeft zelf groente omdat hij dit zelf teelt maar alles wordt tegenwoordig gewogen op een financiële schaal en zo zien we overal ter wereld bakkers die geen brood te eten hebben omdat zij het geld van de verkoop nodig hebben om water, , onderdak, stroom en andere moderne levensbehoeftes te kunnen betalen. Natuurlijk is het zo dat alles wat we nodig hebben alom aanwezig is. De zaden komen met iedere oogst uit de planten voort, kippen leggen in hun natuurlijke proces eieren, het water valt als regen en stroomt in haar natuurlijke kringloop van de bergen de zeeën in, de zon en de maan dansen hun dagelijkse cyclische wals en voorzien ons van warmte en andere straling, bomen voorzien ons van hout, zeeën geven ons zout, de natuur werkt iedere dag op volle toeren om ons in alles te voorzien en vraagt ons daarin nooit om een wederdienst. Uit pure creativiteit, plezier en liefde kunnen mensen die daar het talent en de motivatie toe hebben het land bewerken, dieren houden, dorpen en steden bouwen, technologie ontwikkelen en dromen leven in een constante weelde van energie, voeding en de nodige grondstoffen. Zonder enige moeite nemen wij mensen onze plek in op deze planeet die waarde toevoegt aan de natuur en aan de maatschappij. Eindeloos veel technieken en manieren zijn er al door menselijk vernuft ontwikkeld om onze aanwezigheid hier op aarde positief en constructief te laten zijn in plaats van de belasting die we nu vormen. Ongeremd zal onze technologische ontwikkeling binnen no-time ons op het niveau brengen dat we het universum af kunnen zoeken naar andere planeten waar we neer kunnen strijken en zo zijn de mogelijkheden eindeloos. Het enige wat we daarvoor hoeven te doen is onszelf te bevrijden van de beperkingen die we onszelf opleggen. We hoeven ons enkel los te maken van de monetaire kettingen die ons nu tegen houden en die ons nu nog als beesten in een kooi laten gedragen. We hoeven alleen maar te zien dat die kooi niet bestaat. Dat we vrij worden geboren en dat niemand ons die vrijheid ooit af kan pakken.

Het zaadje geplant
Dan, wanneer ik mijn weergaloze enthousiasme over het menselijk potentieel over mijn gesprekspartner heb uitgestort, zijn er meestal twee opties. Óf er volgt een bijzonder gesprek waarin alle denkbare mogelijkheden en onmogelijkheden van een andere toekomst de revue passeren óf de persoon voor mij verwerpt mijn argumenten en gaat zijn of haar weg. Waarna ik in beiden gevallen blij ben. Ik geloof dat wanneer het Ubuntu zaadje in je geplant is het niet anders kan dan dat de herinnering aan je menselijkheid zal uitgroeien tot een prachtige bloem van hoop en liefde. Die zich ooit, op het juiste moment en op de juiste plaats, opent en prachtig gaat bloeien.

De belofte
Dat is wat Ubuntu is en wat het ons brengt. Ubuntu is de herinnering aan de menselijke aard. De mens in al haar creatieve potentie in een wereld die haar voorziet van alles wat ze nodig heeft en ooit nodig zal hebben. Ubuntu is een belofte dat het kan. Dat wij die mensen zijn waar we nu al zo lang op zitten te wachten.